Uitzendwerk, vrij als een vogel?

Een uitzendkracht heeft rechten en plichten die voortvloeien uit het arbeidscontract tussen het uitzendbureau en de werknemer. Als uitzendkracht ben je dus gewoon in dienst! Tegenwoordig is het zo dat hoe langer je bij een uitzendbureau werkt, hoe meer rechten je krijgt. Dit is het gevolg van het door cao-partijen ontwikkelde nieuwe ‘fasenstelsel’, dat werknemers in drie categorieen verdeelt.

  • Fase 1 en 2 uitzendwerk: Fase 1 en 2 betekent in principe een overeenkomst met ‘uitzendbeding’, tenzij anders is afgesproken. De termijn geldt voor een totale duur van 78 kalenderweken dat je voor het uitzendbureau werkt, of je nu slechts enkele uurtjes per week werkt of full-time. Is er echter een onderbreking van 26 kalenderweken of meer, dan vervalt de telling en begin je weer vanaf week 1. De uitzendovereenkomst eindigt automatisch wanneer de uitzending op verzoek van de inlener wordt gestopt. Ook ziekte van de werknemer is een reden voor beëindiging van de overeenkomst. Fase 1 en 2 houden verder in dat je enkel recht hebt op betaling van salaris over de gewerkte uren, dus niet over de tijd dat er geen werk beschikbaar is.
  • Fase 3 uitzendwerk: Werk je na fase 3 door bij hetzelfde uitzendbureau, of in elk geval binnen 26 kalenderwerken daarna, dan begint fase 3. Je krijgt hierbij een tijdelijke arbeidsovereenkomst of een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Deze fase duurt 4 jaar, waarbinnen maximaal 6 contracten voor bepaalde tijd kunnen worden afgesloten zonder dat deze over zouden moeten gaan in een vast contract. Duurt een onderbreking tijdens deze twee jaren 13 kalenderweken of langer, maar korter dan 26 kalenderweken, dan begint de telling van de fase weer bij week 1. Duurt de onderbreking nog langer, dus meer dan 26 kalenderweken, dan kom je weer in fase 1. Is er even geen werk, dan heb je recht op doorbetaling van minimaal 90% van je laatstverdiende salaris over het afgesproken aantal werkuren. Passende arbeid dien je dan wel te aanvaarden, want als je dit weigert dan vervalt je recht op doorbetaling en vervangend werk.
  • Fase 4 uitzendwerk: Ga je na de twee jaren door met werken voor hetzelfde uitzendbureau en is dit binnen 13 kalenderweken, dan beland je in fase 4. Dit houdt in dat je automatisch voor onbepaalde tijd bij het uitzendbureau in dienst bent. Verder gelden, wat betreft de doorbetaling van loon en de flexibiliteit ten aanzien van passend werk, dezelfde plichten als bij fase 3. De arbeidsovereenkomst kan in fase 4 niet zomaar worden beëindigd, dus ook niet van de kant van het uitzendbureau.

Vrije dagen en vakantie

In fase 1 en 2 krijg je tijdens vakantie niet doorbetaald. Wel reserveert het uitzendbureau ter compensatie een aanvulling op je salaris. Neem je een paar vrije dagen op, dan ontvang je dit geld. Let wel: het bedrag wordt niet opgebouwd over overuren of het toeslagdeel van ploegendiensturen. Kies je ervoor om helemaal geen vrije dagen op te nemen, dan houd je het beschikbare geld over. In week 26 krijg je het eerste deel en in week 52 het tweede deel uitbetaald. Ook als je niet meer voor het uitzendbureau werkt krijg je het ‘overgebleven geld’ nog overgemaakt.
In fase 3 en 4 krijg je gedurende je vrije dagen recht op doorbetaling van het salaris. Dit komt bij een werkweek van 40 uur neer op zestien doorbetaalde vrije uren per maand. Deze uren neem je vervolgens als vakantiedagen op, waardoor je bij een heel jaar volledig werken 24 vrije, doorbetaalde dagen hebt opgebouwd. Wil je vakantie opnemen, dan dien je wel het uitzendbureau vooraf om toestemming te vragen, want soms zijn er bijzondere, eigen regels aan verbonden. Je uitzendbureau betaalt salaris in fase 3 en 4 eveneens door als je vrij hebt op een doordeweekse feestdag (dit kan ook via een feestdagenreservering).

Overwerken als uitzendkracht?

Overwerk betekent de uren die de uitzendkracht meer werkt dan gebruikelijk is in de branche van de werkgever. Overwerk moet worden betaald in tijd of geld. Soms zijn er toeslagen voor overwerkuren, maar dat is niet verplicht. Uitzendbureau en uitzendkracht kunnen afspraken maken over de uitbetaling van eventueel overwerk.

Uitzendwerk en ziekte

Word je ziek in fase 1 of 2, dan krijg je niet doorbetaald omdat de uitzendovereenkomst direct na ziekmelding eindigt. Ook krijg je niet doorbetaald als je naar de dokter moet of als er een speciale familieomstandigheid is. Wel bestaat er een reservering voor kort verzuim, een opgebouwd bedrag per uur. Ben je niet ziek geweest dan wordt dit tegoed aan het eind van het contract uitbetaald. Zit je in fase 3 of 4, dan heb je wel recht op doorbetaling bij ziekte of buitengewoon verlof. Dit wordt niet van de vakantiedagen afgetrokken. Ben je ziek, dan ben je verplicht je voor 10 uur in de ochtend te melden bij het bedrijf waarvoor je werkt, maar ook bij het uitzendbureau.

  • Ziek in fase 1 of 2: De uitkering volgens de Ziektewet bedraagt 70% van het gemiddelde bruto dagloon over de laatste dertien kalenderweken, te beginnen vanaf de derde ziektedag. De cao voor uitzendkrachten schrijft verder voor dat het uitzendbureau de uitkering tot 90% moet aanvullen. Het bedrag kan iets verschillen, afhankelijk van of je wel minimaal dertien weken gewerkt hebt, of als je in die tijd meer vrije dagen hebt opgenomen dan er gereserveerd was. Omdat de eerste twee ziektedagen wachtdagen zijn, krijg je voor de 2e dag een compensatie in de vorm van opslag op je bruto uurloon. Dit is geen reservering, maar wordt wekelijks met het gewone loon uitbetaald.
  • Ziek in fase 3 of 4: Ziek in fase 3 of 4 geeft wat meer rechten. Zo betaalt het uitzendbureau tijdens het eerste ziektejaar (en maximaal een jaar) 90% van je salaris door, te beginnen vanaf de tweede ziektedag. Dit bedrag valt korter uit als je overeenkomst korter duurt. In het tweede ziektejaar heb je nog steeds aanspraak op salaris want de uitzendovereenkomst loopt tijdens de ziekte gewoon door en eindigt pas op de overeengekomen einddatum. Daarna kun je eventueel een uitkering ontvangen volgens de WIA.
  • Weer beter?: Voor zowel fase 1 en 2, 3 als 4 geldt: voordat je je werk weer hervat moet je je beter melden bij het uitzendbureau. Zit je echter in fase 1 of 2, dan moet je dit ook doorgeven aan het UWV, en dit geldt ook als je na je ziekte geen uitzendwerk meer hebt.

Pensioen bij uitzendwerk?

Als je 21 jaar of ouder bent heb je na 26 weken recht op pensioenopbouw. Dit wordt geregeld door het pensioenfonds voor uitzendkrachten. Bij dit pensioenfonds blijf je, zolang er niet langer dan een jaar tussen twee contracten met een uitzendbureau zit. Dit mogen overigens verschillende uitzendbureaus zijn.